AFSTELLINGEN

Regelmatige controle van diverse afstellingen is nodig om alles vlot te laten werken. Foute afstellingen kunnen zelfs tot schade leiden.

Motor
Compressie druk
Olie druk
Contactpuntjes
Klepspeling
      Korte beschrijving kleppenstellen
Aandraaimomenten
      Motor
      Transmissie handgeschakeld
      Transmissie automaat
      Wielophanging

Motor

 

Axiale krukasspeling tussen de 0.07 en 0.13 mm
Slijtgrens 0.15 mm

Toelichting.
De krukasspeling moet worden afgesteld door het monteren van zgn. afstelringen, welke in verschillende diktes te koop zijn. Deze afstelringen zitten gemonteerd achter het vliegwiel. Hier mag je er maximaal 3 monteren. De spelen moet je meten als het vliegwiel gemonteerd is. In principe mag je de krukasspeling maar één keer afstellen, bijvoorbeeld als je nieuwe lagers hebt gemonteerd. Is de speling boven de slijtgrens van 0.15 mm, dan zijn de motorlagers aan vervanging toe en kun je beter geen afstelringen monteren om de speling op te heffen. De kans is dan namelijk groot dat er door de versleten lagers ergere schade aan de motor wordt toegebracht.

Compressie druk

 

1200 cc: 6.0 bar - 9.0 bar
1300 cc: 6.5 bar - 9.5 bar (behalve motoren met holle zuigers: 5.0 bar - 8.0 bar)
1500 cc: 7.0 bar - 10 bar (behalve motoren met holle zuigers: 5.0 bar - 8.0 bar)
1600 cc: 7.0 bar - 10 bar (behalve motoren met holle zuigers: 5.0 bar - 8.0 bar)
max. onderling verschil: 2 bar

Toelichting.
De compressiedruk kun je niet afstellen, maar door dit regelmatig te controleren krijg je een goed beeld van de algehele toestand van de motor.
Je meet de compressiedruk met warme motor, alle bougies eruit en met vol gas.

Oliedruk

 

gemiddelde druk: ca 3 bar, minimaal toelaatbaar 2 bar

Toelichting.
De oliedruk kun je niet afstellen, maar door dit regelmatig te controleren krijg je een goed beeld of de belangrijke onderdelen goed van smering worden voorzien.
De druk meet je op de plaats van de oliedrukschakelaar bij gemiddeld warme motor en bij ongeveer 2.500 toeren.

Contactpuntjes

 

afstand: 0.4 mm, contacthoek 44º - 50º

Toelichting:
Je kunt de contactpunten afstellen door ze los te draaien en te verschuiven.
Als de contactpunten ingebrand zijn of scheef afgesleten kun je ze het beste zo spoedig mogelijk vervangen. Heb je ze niet voorhanden, dan kun je ze een beetje glad/recht maken met een vijltje. Dit is uiteraard een paardenmiddel en geen goede oplossing, maar de motor zal in ieder geval wat beter lopen dan wanneer ze echt erg scheef afgesleten zijn of al erg ver ingebrand zijn. Vervang ze dus na zo een actie altijd zo snel als mogelijk is.

Klepspeling

 

afstand: 0,15 mm

Toelichting.
Deze meet je bij een koude motor. De inlaat en uitlaat moeten dezelfde speling hebben.
Na verloop van het gebruik van de motor, zal de klepspeling veranderen. Bij de uitlaatkleppen zal de speling kleiner worden en bij de inlaatkleppen juist groter. Te grote klepspeling zal verhoogd benzineverbruik tot gevolg hebben en een lager vermogen. Dit is te horen aan luid tikkende kleppen. Te kleine klepspeling daarentegen is catastrofaal. Je hoort het niet echt en de warmte die vrijkomt wordt doorgegeven aan de kleppen zelf. Als de kleppen dan uiteindelijk bijna niet of geheel niet meer sluiten dan zullen ze verbranden. Naast dat de motor niet meer goed loopt (op "drie poten") kan het ook nog eens tot ernstige motorgebreken leiden.

Korte beschrijving kleppen stellen
1. Verwijder alle bougies, zodat de motor zonder compressie kan worden rondgedraaid.
Verwijder beide kleppendeksels, door de veerklemmen met een schroevendraaier naar beneden weg te drukken, zoals in de foto hiernaast.
Ook kun je met een waterpomptang de veerklem naar beneden drukken, zie de tweede foto.
Doe dit voorzichtig, want in de deksels zit altijd een beetje olie, welke je het beste in een bakje kunt opvangen.
De deksels zijn met een gummi-kurk-pakking afgedicht, dus de deksel kan een beetje "kleven". Je kunt dan door zachtjes te tikken met een gummihamer tegen de zijkant van de deksel proberen om ze los te maken.
klepdeksel verwijderen

klepdeksel verwijderen
2. Begin nu met cilinder 1 te zoeken naar het ontstekingstijdstip.
Tip: als de klep van een cilinder in de overgang is, (de uitlaatklep sluit en de inlaatklep opent zich), dan is de cilinder die zich precies tegenover de cilinder die je bekijkt bevindt, zich in de compressiefase op het bovenste dode punt, dus op het ontstekingstijdstip.
Bij cilinder 1 (in rijrichting bekeken rechts voor) is dus cilinder 3 (links voor) dus maatgevend.
Draai de krukas (met ringsleutel 21) zolang tot bij cilinder 3 de uitlaatklep sluit en het inlaatventiel zich gaat openen. Precies in die toestand is cilinder 1 op het bovenste dode punt.
welke cilinder zit waar

krukasstand
3. Meet nu de speling bij de eerste cilinder. Doe de voelermaat van 0.15 mm tussen de instelschroef en de klepstoter. Als de afstand klopt, moet de voelermaat er zich licht zuigend doorheen bewegen.
4. Als de afstand niet klopt, dan moet er "gesteld" worden. Doe dit met een goed passende schroevendraaier en een ringsleutel maat 13. Hou de instelschroef met een schroevendraaier vast en draai de contramoer met de ringsleutel los. Stel nu met de schroevendraaier het een en ander zo dat de voelermaat er licht zuigend doorheen te bewegen is. De contramoer weer vastdraaien, terwijl je tegelijkertijd de instelschroef met de schroevendraaier in dezelfde stand vasthoud.
Hierna nog even een keer nameten of alles goed is afgesteld.
 
5. Hierna punt 2 t/m 4 herhalen met de andere cilinders.
6. Als alles is afgesteld, de gummi-kurk-pakking goed controleren op scheurtjes en beschadigingen. Onbeschadigde pakkingen kunnen opnieuw gebruikt worden, maar de prijs ervan is zo laag, dat je voor de zekerheid beter nieuwe kunt gebruiken. De kans op lekkage is dan het kleinst.
7. De kleppendeksel op de cilinderkop plaatsen en met de veerbeugel vastzetten.
8. De bougies weer monteren (eventueel ook de afstand afstellen).

 

Aandraaimomenten

 

De diverse bouten en moeren moeten met een bepaalde kracht vastgedraaid worden. Dit drukken we uit in Newton meter (Nm) 10 Nm is gelijk aan 1 kg. per meter. Hieronder een overzicht van de belangrijkste onderdelen met hun krachtwaarde.

Toelichting:

Motor

Nm

Motor aan de versnellingsbak 30
Drijfstang bouten 30
Drijfstang moeren 33
Vliegwiel op de krukas 350
Drukgroep aan het vliegwiel 25
Tuimelaars aan de cilinderkop 25
Poelie aan de krukas 45
Poelie aan de dynamo 60
Bougies 35
Oliepomp aan het carter 20
Ventilator/poelie aan de dynamo 60
Oliedruk sensor/schakelaar 10
Oliezeef deksel aan het carter 7
M8 bouten carter / cilinderkop 25
M10 bouten carter / cilinderkop 32
   

Transmissie handgeschakeld

Nm

Ronde moer op pignonas 20
Pignonlager opsluitmoer 22
Schakelvorken op assen 25
Lager/schakel dekselmoeren 15
Kroonwielbouten 60
Zijdeksel 30
Olieaftapplug en olievulplug versnellingsbak 20
   

Transmissie automaat

Nm

Startblokeerschakelaar 25
Vrijlooplagerflens 15
Koppeling op steunplaat 15
Koppelomvormer aan bak 20
Versnellingsbak deksel 10
Koppelingshefboom op as 30
Koppelomvormer tegen schijf 25
Olieleiding nippels 35
Inbusbout aandrijfas 35
   

Wielophanging

Nm

Wielbouten t/m 1967 100
Wielbouten na 1967 130
Torxbouten in de aandrijfas (1302/1303/automaat) 35
Achterwiel naafmoer 1200 - 1300 - 1500 300
Achterwiel naafmoer 1302 - 1303 - automaat 350
Schokbreker bevestiging achter 70
Remleiding nippels 20
Remankerplaat aan fusee 50
Remankerplaat aan wieldraagarm 60
Wielrem cilinders aan de ankerplaat (trommel) 25
Schijfrem klauw 40
Lagerdeksel van veerplaat 45
Veerplaat aan as 12
Hoofdremcilinder aan het chassis 25
Remlichtschakelaar in de hoofdremcilinder 20
Restdrukventiel in cilinder 20
Nippels in de hoofdremcilinder  20
Carrosserie / Chassis bouten 20
Bouten van chassiskop naar carrosserie 35